Information about the word tegemoetrijden (Dutch → Esperanto: rajdi renkonte al)

Part of speechverb
Pronunciation/təɣəˈmutrɛɪ̯də(n)/
Hyphenationte·ge·moet·rij·den

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) rij tegemoet, rijd tegemoet(ik) reed tegemoet
(jij) rijdt tegemoet(jij) reed tegemoet
(hij) rijdt tegemoet(hij) reed tegemoet
(wij) rijden tegemoet(wij) reden tegemoet
(jullie) rijden tegemoet(jullie) reden tegemoet
(gij) rijdt tegemoet(gij) reedt tegemoet
(zij) rijden tegemoet(zij) reden tegemoet
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) tegemoetrijde(dat ik) tegemoetrede
(dat jij) tegemoetrijde(dat jij) tegemoetrede
(dat hij) tegemoetrijde(dat hij) tegemoetrede
(dat wij) tegemoetrijden(dat wij) tegemoetreden
(dat jullie) tegemoetrijden(dat jullie) tegemoetreden
(dat gij) tegemoetrijdet(dat gij) tegemoetredet
(dat zij) tegemoetrijden(dat zij) tegemoetreden
Imperative mood
Singular/PluralPlural
rij tegemoet, rijd tegemoetrijdt tegemoet
Participles
Present participlePast participle
tegemoetrijdend, tegemoetrijdende(zijn) tegemoetgereden

Usage samples

Dus reed de keizer met zijn dochter en een groot gevolg hem tegemoet.
Maar zodra de koning zijn zwaard ophief en zijn paard de sporen gaf om de vijand tegemoet te rijden, viel hij dood uit het zadel.

Translations

Esperantorajdi renkonte al