Information über das Wort gepikeerd (Niederländisch → Esperanto: ofendetita)

Synonyme: geraakt, in zijn wiek geschoten

WortartAdjektief
Aussprache/ɣəpiˈkert/
Trennungge·pi·keerd

Komparation

Positivegepikeerd
Komparativgepikeerder
Superlativgepikeerdst

Deklination

 PositiveKomparativSuperlativ
Predikativgepikeerdgepikeerder(het) gepikeerdst, (het) gepikeerdste
AttributivUnbestimmtMännlicher und weiblicher Mehrzahlgepikeerdegepikeerderegepikeerdste
Sächlicher Einzahlgepikeerdgepikeerdergepikeerdst
Mehrzahlgepikeerdegepikeerderegepikeerdste
Bestimmtgepikeerdegepikeerderegepikeerdste
Partitivgepikeerdsgepikeerders 

Gebrauchsbeispiele

Koningin Sollace, die zelf zeer vroom was, voelde zich ietwat gepikeerd.
„Nou, we zullen zien”, zei ik gepikeerd.

Übersetzungen

Esperantoofendetita