Information über das Wort verdoezelen (Niederländisch → Esperanto: stompi)

Synonym: doezelen

WortartVerb

Konjugation

Indikativ
PräsensPräterium
(ik) verdoezel(ik) verdoezelde
(jij) verdoezelt(jij) verdoezelde
(hij) verdoezelt(hij) verdoezelde
(wij) verdoezelen(wij) verdoezelden
(jullie) verdoezelen(jullie) verdoezelden
(gij) verdoezelt(gij) verdoezeldet
(zij) verdoezelen(zij) verdoezelden
Konjunktiv
PräsensPräterium
(dat ik) verdoezele(dat ik) verdoezelde
(dat jij) verdoezele(dat jij) verdoezelde
(dat hij) verdoezele(dat hij) verdoezelde
(dat wij) verdoezelen(dat wij) verdoezelden
(dat jullie) verdoezelen(dat jullie) verdoezelden
(dat gij) verdoezelet(dat gij) verdoezeldet
(dat zij) verdoezelen(dat zij) verdoezelden
Imperativ
Einzahl/MehrzahlMehrzahl
verdoezelverdoezelt
Partizipien
PräsenspartizipPerfektpartizip
verdoezelend, verdoezelende() verdoezeld

Übersetzungen

Englischstump; soften off
Esperantostompi
Portugiesischesbater; esfumar
Spanischdifuminar; esfumar