Information über das Wort omvertrekken (Niederländisch → Esperanto: renversi tire)

Synonym: ómtrekken

WortartVerb
Aussprache/ɔmˈvɛrtrɛkə(n)/
Trennungom·ver·trek·ken

Konjugation

Indikativ
PräsensPräterium
(ik) trek omver(ik) trok omver
(jij) trekt omver(jij) trok omver
(hij) trekt omver(hij) trok omver
(wij) trekken omver(wij) trokken omver
(jullie) trekken omver(jullie) trokken omver
(gij) trekt omver(gij) trokt omver
(zij) trekken omver(zij) trokken omver
Konjunktiv
PräsensPräterium
(dat ik) omvertrekke(dat ik) omvertrokke
(dat jij) omvertrekke(dat jij) omvertrokke
(dat hij) omvertrekke(dat hij) omvertrokke
(dat wij) omvertrekken(dat wij) omvertrokken
(dat jullie) omvertrekken(dat jullie) omvertrokken
(dat gij) omvertrekket(dat gij) omvertrokket
(dat zij) omvertrekken(dat zij) omvertrokken
Imperativ
Einzahl/MehrzahlMehrzahl
trek omvertrekt omver
Partizipien
PräsenspartizipPerfektpartizip
omvertrekkend, omvertrekkende(hebben) omvergetrokken

Gebrauchsbeispiele

Demonstranten protesteerden vandaag tegen ʾAsad in verschillende buitenwijken, waarbij een standbeeld van de vader van de president omver werd getrokken.

Übersetzungen

Esperantorenversi tire