Information über das Wort openmaken (Niederländisch → Esperanto: malŝtopi)

Synonyme: opentrekken, ontstoppen

WortartVerb
Aussprache/ˈopəmakə(n)/
Trennungopen·ma·ken

Konjugation

Indikativ
PräsensPräterium
(ik) maak open(ik) maakte open
(jij) maakt open(jij) maakte open
(hij) maakt open(hij) maakte open
(wij) maken open(wij) maakten open
(jullie) maken open(jullie) maakten open
(gij) maakt open(gij) maaktet open
(zij) maken open(zij) maakten open
Konjunktiv
PräsensPräterium
(dat ik) openmake(dat ik) openmaakte
(dat jij) openmake(dat jij) openmaakte
(dat hij) openmake(dat hij) openmaakte
(dat wij) openmaken(dat wij) openmaakten
(dat jullie) openmaken(dat jullie) openmaakten
(dat gij) openmaket(dat gij) openmaaktet
(dat zij) openmaken(dat zij) openmaakten
Imperativ
Einzahl/MehrzahlMehrzahl
maak openmaakt open
Partizipien
PräsenspartizipPerfektpartizip
openmakend, openmakende(hebben) opengemaakt

Übersetzungen

Englischset abroach; clear
Esperantomalŝtopi
Französischdéboucher
Portugiesischdesarrolhar; destampar; destapar