Information über das Wort adviseren (Niederländisch → Esperanto: konsili)

Synonyme: raden, aanraden, van advies dienen

WortartVerb
Aussprache/ɑtfiˈzeːrə(n)/
Trennungad·vi·se·ren

Konjugation

Indikativ
PräsensPräterium
(ik) adviseer(ik) adviseerde
(jij) adviseert(jij) adviseerde
(hij) adviseert(hij) adviseerde
(wij) adviseren(wij) adviseerden
(jullie) adviseren(jullie) adviseerden
(gij) adviseert(gij) adviseerdet
(zij) adviseren(zij) adviseerden
Konjunktiv
PräsensPräterium
(dat ik) advisere(dat ik) adviseerde
(dat jij) advisere(dat jij) adviseerde
(dat hij) advisere(dat hij) adviseerde
(dat wij) adviseren(dat wij) adviseerden
(dat jullie) adviseren(dat jullie) adviseerden
(dat gij) adviseret(dat gij) adviseerdet
(dat zij) adviseren(dat zij) adviseerden
Imperativ
Einzahl/MehrzahlMehrzahl
adviseeradviseert
Partizipien
PräsenspartizipPerfektpartizip
adviserend, adviserende(hebben) geadviseerd

Gebrauchsbeispiele

Heren, heb ik ooit eerder gelogen of u verkeerd geadviseerd?
Hij adviseert dat we de papieren vernietigen die je van de spion hebt afgenomen, en ik ben geneigd daarmee in te stemmen.
Minister Wopke Hoekstra van buitenlandse zaken adviseert Nederlanders in Rusland om dat land te verlaten.
De Europese missie voor Mali (EUTM) gaat de strijdkrachten in het Westafrikaanse land trainen en adviseren.
Ik adviseer je het idee te vergeten.
Laat horen wat je adviseert.

Übersetzungen

Afrikaansaanraai
Dänischråde
Deutschraten; beraten; ratgeben; anraten; einen Rat geben; einen Ratschlag geben
Englischadvise
Esperantokonsili
Färöerischráða til; geva ráð
Finnischneuvoa
Französischconseiller
Griechischσυμβουλεύω
Isländischráða
Italienischconsigliare
Katalanischaconsellar
Malaiischmensasihatkan
Papiamentokonsehá
Portugiesischaconselhar; persuadir
Saterfriesischräide; beräide
Schwedischrå; råda
Spanischaconsejar
Suaheli‐toa shauri
Thaiชี้; แนะนำ; แนะ
Türkischfikir vermek; öğüt vermek
WestFriesischadvisearje; oanriede; riede