Information über das Wort vooruitgaan (Niederländisch → Esperanto: antaŭeniri)

Synonym: voorwaarts gaan

WortartVerb
Aussprache/voːˈrœʏ̯txan/
Trennungvoor·uit·gaan

Konjugation

Indikativ
PräsensPräterium
(ik) ga vooruit(ik) ging vooruit
(jij) gaat vooruit(jij) ging vooruit
(hij) gaat vooruit(hij) ging vooruit
(wij) gaan vooruit(wij) gingen vooruit
(jullie) gaan vooruit(jullie) gingen vooruit
(gij) gaat vooruit(gij) gingt vooruit
(zij) gaan vooruit(zij) gingen vooruit
Konjunktiv
PräsensPräterium
(dat ik) vooruitga(dat ik) vooruitginge
(dat jij) vooruitga(dat jij) vooruitginge
(dat hij) vooruitga(dat hij) vooruitginge
(dat wij) vooruitgaan(dat wij) vooruitgingen
(dat jullie) vooruitgaan(dat jullie) vooruitgingen
(dat gij) vooruitgaat(dat gij) vooruitginget
(dat zij) vooruitgaan(dat zij) vooruitgingen
Imperativ
Einzahl/MehrzahlMehrzahl
ga vooruitgaat vooruit
Partizipien
PräsenspartizipPerfektpartizip
vooruitgaand, vooruitgaande(zijn) vooruitgegaan

Gebrauchsbeispiele

Maar gaat u alvast vooruit naar de eik.

Übersetzungen

Deutschvorwärts gehen; vorrücken
Englischprogress; go ahead
Esperantoantaŭeniri
Französischavancer
Portugiesischadiantar‐se; avançar; progredir