Information über das Wort neersmakken (Niederländisch → Esperanto: falegi)

Synonyme: mieteren, storten, smakken, neerkwakken, lazeren, donderen, naar beneden mieteren, pleuren, neerstorten

WortartVerb
Aussprache/ˈneːrsmɑkə(n)/
Trennungneer·smak·ken

Gebrauchsbeispiele

Hij smakte neer, zo dicht bij Baree dat er aarde en takjes bovenop hem vielen en hij uitte een heftigen schreeuw van schrik en trachtte zich nog dieper in het nauwe holletje onder den boomwortel te wringen.

Übersetzungen

Afrikaansafstort
Deutschstürzen; hinstürzen
Esperantofalegi