Information über das Wort punt (Niederländisch → Esperanto: punkto)

WortartSubstantiv
Aussprache/pɵnt/
Trennungpunt
Geschlechtsächlich
Mehrzahlpunten

Verkleinerungswort
EinzahlMehrzahl
puntjepuntjes

Gebrauchsbeispiele

Het tweede punt betreft hetgeen op 6 juni gebeurde, de derde en laatste dag van de slag.
Kollberg was zijn beste vriend en dit was een teer punt.
Ik heb hierin de belangrijkste punten genoteerd.

Übersetzungen

DeutschPunkt
Englischpoint; count
Esperantopunkto
Niederdeutschpunt