Information über das Wort in zijn geheel (Niederländisch → Esperanto: tute)

Synonyme: finaal, geheel, helemaal, totaal, volkomen, volledig, volslagen, een en al, hoegenaamd, goed en wel, helegaar, glad, straal, tenemaal, überhaupt

WortartAdverb

Gebrauchsbeispiele

Een aantal soorten van dit geslacht werd vroeger tot het geslacht Godetia gerekend, maar dit geslacht is in zijn geheel bij Clarkia ondergebracht