Information über das Wort zij (Niederländisch → Esperanto: <ili, duala>)

Synonym: zij tweeën

WortartPersonalpronomen
Aussprache/zɛɪ̯/, /zə/ (zwakbetoond)
Trennungzij

Gebrauchsbeispiele

Ze loopt met hen mee naar de voordeur.
Zij verwierpen dit eerst, maar door nieuwe dreigementen dwong zᴉj hen het aan te nemen.
Negen boogschutters zouden hen gemakkelijk kunnen doden… of gevangen nemen.

Übersetzungen

Esperanto<ili, duala>