Information über das Wort verlopen (Niederländisch → Esperanto: pasi)

Synonyme: voorbijgaan, verstrijken

WortartVerb
Aussprache/vərˈlopə(n)/
Trennungver·lo·pen

Konjugation

Indikativ
PräsensPräterium
(het) verloopt(het) verliep
Konjunktiv
PräsensPräterium
(dat het) verlope(dat het) verliepe
Perfektpartizip
(zijn) verlopen

Gebrauchsbeispiele

Er waren nu dertig seconden verlopen.
De eerste dagen van de tocht verliepen zonder bijzonderheden.
Toen uur na uur verliep, begon men langzaam genoeg te krijgen van dit avontuur.
Iedereen weet hoe zo’n eerste dag op zee verloopt.

Übersetzungen

Deutschvergehen
Englischgo by
Esperantopasi