Informasie oor die woord woesteling (Nederlands → Esperanto: bruto)

Sinonieme: bruut, rabauw

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈʋustəlɪŋ/
Afbrekingwoes·te·ling
Geslagmanlik
Meervoudwoestelingen

Voorbeelde van gebruik

Heeft deze stinkende woesteling u leed gedaan?
Het zien van de harige bergbewoners was te veel voor de stedelingen en ze vluchtten de grot binnen om niet door de woestelingen onder de voet te worden gelopen.

Vertalinge

Duitsbrutaler Mensch; brutaler Kerl
Engelsthug
Esperantobruto; brutalulo
Jiddishבהמה