Informasie oor die woord ruig (Nederlands → Esperanto: malglata)

Sinonieme: bobbelig, bultig, oneffen, rul, ruw, schraal

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/rœʏ̯x/
Afbrekingruig

Trappe van vergelyking

Stellende trapruig
Vergrotende trapruiger
Oortreffende trapruigst

Verbuiging

 Stellende trapVergrotende trapOortreffende trap
Predikatiefruigruiger(het) ruigst, (het) ruigste
AttributiefOnbepaaldManlike en vroulike meervoudruigeruigereruigste
Onsydige enkelvoudruigruigerruigst
Meervoudruigeruigereruigste
Bepaaldruigeruigereruigste
Partitiefruigsruigers 

Voorbeelde van gebruik

In het midden verhief zich een ruige vijftien meter hoge rotspunt van zwart basalt.
Er stond een ruige zee, en het vaartuig stampte en slingerde, omdat het hoog op de golven lag.

Vertalinge

Deensru
Duitsholperig; uneben; rau
Engelsrough; rugged
Esperantomalglata
Friesrûch
Grieksαγροίκος
Latynscaber
Saterfriesknubbelich
Spaansáspero; rugoso