Informasie oor die woord gezang (Nederlands → Esperanto: kantado)

Sinonieme: gefluit, zang, zingen

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ɣəˈzɑŋ/
Afbrekingge·zang
Geslagonsydig

Voorbeelde van gebruik

En daarom vullen wij de tijd met feestelijk gezang.
De meerderheid is tegen en daarom is uw gezang hier verboden.
Hoor jij ook gezang?

Vertalinge

DuitsGesang; Singen
Engelssinging
Esperantokantado
Friesgesang; sang; sjongen
Latyncantus; carmen
Nederduitssingen
SaterfriesSong
Skots-Gaeliesseinn
Sranansingi
Sweedssång