Informasie oor die woord rechtszaal (Nederlands → Esperanto: juĝejo)

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈrɛx(t)sal/
Afbrekingrechts·zaal
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik
Meervoudrechtszalen

Voorbeelde van gebruik

Bewaar die retoriek maar voor de rechtszaal.
Meneer de advocaat denkt dat hij in de rechtszaal zit.
Gersen wachtte Navsarth op het plein voor de rechtszaal op.
Schwartz zei in de rechtszaal spijt te hebben van zijn daden, maar Mehta zei dat hij hem niet geloofde omdat hij eerder geen berouw had getoond.
Curieus is dat VSM—in weerwil van zijn reclame‐uitingen—in de rechtszaal onomwonden toe heeft gegeven dat het geen enkel bewijs voor werkzaamheid kon presenteren.

Vertalinge

DuitsGericht; Gerichtsgebäude; Gerichtssaal
Engelscourt
Esperantojuĝejo
Portugeestribunal
SaterfriesGjucht; Gjuchtssoal