Informasie oor die woord genegen (Nederlands → Esperanto: inklina)

Sinonieme: geneigd, gezind

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/ɣəˈneɣə(n)/
Afbrekingge·ne·gen

Trappe van vergelyking

Stellende trapgenegen
Vergrotende trapmeer genegen
Oortreffende trapmeest genegen

Verbuiging

 Stellende trapVergrotende trapOortreffende trap
Predikatiefgenegenmeer genegen(het) meest genegen, (het) meest genegene
AttributiefOnbepaaldManlike en vroulike meervoudgenegenmeer genegenemeest genegen
Onsydige enkelvoudgenegenmeer genegenmeest genegen
Meervoudgenegenmeer genegenemeest genegen
Bepaaldgenegenmeer genegenemeest genegen
Partitiefgenegensmeer genegens 

Voorbeelde van gebruik

Misschien ben ik dan genegen u te helpen met dit ongelukkige toeval, misschien zelfs ga ik zover dat ik uw romp laat repareren.
Ja, ik geef u een brief mee voor Gorbovast in Majbur en hij kan u er een geven voor de koningin van Qirib, die misschien genegen zal zijn u verder te helpen.

Vertalinge

Duitsgeneigt; aufgelegt
Engelsinclined; disposed
Esperantoinklina; ema
Finstaipuvainen
Fransenclin
Italiaansdisposto
Katalaansafeccionat; enclí; inclinat; procliu; propens
Saterfriesgenaiged tou
Spaansinclinado; inclinado a; propensa a; propenso