Informasie oor die woord haag (Nederlands → Esperanto: heĝo)

Sinonieme: heg, steg, hegge

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ɦax/
Afbrekinghaag
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik
Meervoudhagen

Voorbeelde van gebruik

Beuken worden veel in hagen geplant.
De edelman was juist doende zijn haag te knippen, maar op het zien van de wandelaars liet hij zijn schaar zakken.
Stephens drong door een dunne haag heen en sloop langzaam langs de zijkant van het gebouw.

Vertalinge

DuitsHecke
Engelshedge
Engels (Ou Engels)hecg
Esperantoheĝo; kreskaĵbarilo
Faroëesrunnagirðing; kjarrgirðing
Finspensasaita
Franshaie
Frieshage
Katalaanstanca de bardisses
Maleispagar pohon
Portugeescerca viva
Spaansseto
Sweedshäck