Informasie oor die woord herbergier (Nederlands → Esperanto: gastejestro)

Sinonieme: logementhouder, waard

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ɦɛrbɛrˈɣiːr/
Afbrekingher·ber·gier
Geslagmanlik
Meervoudherbergiers

Voorbeelde van gebruik

Ik heb niets om mee te betalen, herbergier!

Vertalinge

DuitsWirt
Engelshost; innkeeper; landlord
Esperantogastejestro; gastejmastro
Fransaubergiste
Latyncopa
SaterfriesWeerd
Srananwarti
Sweedsvärd