Informasie oor die woord transpireren (Nederlands → Esperanto: ŝviti)

Sinoniem: zweten

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/trɑnspirerə(n)/
Afbrekingtrans·pi·re·ren

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) transpireer(ik) transpireerde
(jij) transpireert(jij) transpireerde
(hij) transpireert(hij) transpireerde
(wij) transpireren(wij) transpireerden
(jullie) transpireren(jullie) transpireerden
(gij) transpireert(gij) transpireerdet
(zij) transpireren(zij) transpireerden
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) transpirere(dat ik) transpireerde
(dat jij) transpirere(dat jij) transpireerde
(dat hij) transpirere(dat hij) transpireerde
(dat wij) transpireren(dat wij) transpireerden
(dat jullie) transpireren(dat jullie) transpireerden
(dat gij) transpireret(dat gij) transpireerdet
(dat zij) transpireren(dat zij) transpireerden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
transpireertranspireert
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
transpirerend, transpirerende(hebben) getranspireerd

Voorbeelde van gebruik

Bevend en transpirerend zonk Minerva op de knieën en bad mompelend een gebed om vergiffenis.
Hij bemerkte dat hij transpireerde.

Vertalinge

Deenssvede
Duitsschwitzen
Engelsperspire
Esperantoŝviti
Faroëessveitta
Finshikoilla
Franssuer; transpirer
Friesswitte
Italiaanssudare; traspirare
Jiddishשװיצן
Katalaanssuar
Maleisberkeringat
Papiamentstranspirá
Portugeesressudar; suar; transpirar
Saterfriesswitte
Spaanssudar; transpirar
Sranansweti
Sweedssvettas; transpirera
Tagalogpawisan
Tsjeggiespotit se
Turksterlemek
Wallieschwysu