Informasie oor die woord uithangen (Nederlands → Esperanto: ŝajnigi esti)

Sinonieme: zich uitgeven voor, zich voordoen als, doorgaan voor

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈœʏ̯tɦɑŋə(n)/
Afbrekinguit·han·gen

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) hang uit(ik) hing uit
(jij) hangt uit(jij) hing uit
(hij) hangt uit(hij) hing uit
(wij) hangen uit(wij) hingen uit
(jullie) hangen uit(jullie) hingen uit
(gij) hangt uit(gij) hingt uit
(zij) hangen uit(zij) hingen uit
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) uithange(dat ik) uithinge
(dat jij) uithange(dat jij) uithinge
(dat hij) uithange(dat hij) uithinge
(dat wij) uithangen(dat wij) uithingen
(dat jullie) uithangen(dat jullie) uithingen
(dat gij) uithanget(dat gij) uithinget
(dat zij) uithangen(dat zij) uithingen
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
hang uithangt uit
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
uithangend, uithangende(hebben) uitgehangen

Voorbeelde van gebruik

Dat krijg je als gewone mensen de dure meneer willen uithangen, hè?

Vertalinge

Engelsposture as
Esperantoŝajnigi esti