Informasie oor die woord dagen (Nederlands → Esperanto: tagiĝi)

Sinoniem: krieken

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈdaɣə(n)/
Afbrekingda·gen

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(het) daagt(het) daagde
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat het) dage(dat het) daagde
Verlede deelwoord
(heeft) gedaagd

Voorbeelde van gebruik

Hij had urenlang gestadig doorgereisd en hij was moe, toen het begon te dagen.
In het oosten begon het al te dagen.

Vertalinge

Albaniesagoj; agullon
Duitstagen
Engelsdawn
Engels (Ou Engels)dagian
Esperantotagiĝi
Faroëesdegna
Friesdaagje
Portugeesalvorecer; amanhecer
Spaansamanecer
Thaiรุ่งอรุณ; อรุณ; รุ่ง
Walliesdyddhau; dyddio