Informasie oor die woord banier (Nederlands → Esperanto: standardo)

Sinonieme: veldteken, standaard, vaandel, vendel, wimpel, vaan

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/baˈniːr/
Afbrekingba·nier
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik
Meervoudbanieren

Voorbeelde van gebruik

Zij droegen talloze banieren, zwart en rood, en stormden aan als een vloedgolf, woedend en wanordelijk.
Vanaf zijn ligplaats zag Puc langs de wanden van de tent nog meer banieren hangen.
Zekerheid dat het oorlog was, kwam toen het leger van Poitan, tienduizend man sterk, door de zuidelijke passen marcheerde, met wapperende banieren, en blinkend van het staal.

Vertalinge

Deensfane
DuitsBanner; Fahne; Standarte
Engelsstandard; banner
Esperantostandardo
Faroëesmerki; flagg
Fransdrapeau; pavillon; étendard
Italiaansstendardo
Katalaansestendard; senyera
Portugeesbandeira; estandarte; lábaro; pavilhão; pendão
SaterfriesBanner; Foone; Standarte
Spaansbandera; estandarte
Sweedsstandar
Tsjeggiesstandarta
Turksayar
Walliesbaner