Informasie oor die woord verroesten (Nederlands → Esperanto: rustiĝi)

Sinoniem: roesten

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/vəˈrustə(n)/
Afbrekingver·roes·ten

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) verroest(ik) verroestte
(jij) verroest(jij) verroestte
(hij) verroest(hij) verroestte
(wij) verroesten(wij) verroestten
(jullie) verroesten(jullie) verroestten
(gij) verroest(gij) verroesttet
(zij) verroesten(zij) verroestten
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) verroeste(dat ik) verroestte
(dat jij) verroeste(dat jij) verroestte
(dat hij) verroeste(dat hij) verroestte
(dat wij) verroesten(dat wij) verroestten
(dat jullie) verroesten(dat jullie) verroestten
(dat gij) verroestet(dat gij) verroesttet
(dat zij) verroesten(dat zij) verroestten
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
verroestend, verroestende(zijn) verroest

Voorbeelde van gebruik

Verslagen keek hij een ogenblik naar de verroeste ketting, maar toen herstelde hij zich en schreed met opgericht hoofd heen.

Vertalinge

Deensruste
Engelsrust
Esperantorustiĝi
Friesferroastkje; roastje; roastkje
Italiaansarrugginirsi
Papiamentsfrusa; frustia
Portugeesenferrujar; oxidar‐se
Sweedsrosta