Informasie oor die woord verstijven (Nederlands → Esperanto: rigidiĝi)

Sinonieme: verstarren, verstrakken, stijf worden

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/vərˈstɛɪ̯və(n)/
Afbrekingver·stij·ven

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) verstijf(ik) verstijfde
(jij) verstijft(jij) verstijfde
(hij) verstijft(hij) verstijfde
(wij) verstijven(wij) verstijfden
(jullie) verstijven(jullie) verstijfden
(gij) verstijft(gij) verstijfdet
(zij) verstijven(zij) verstijfden
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) verstijve(dat ik) verstijfde
(dat jij) verstijve(dat jij) verstijfde
(dat hij) verstijve(dat hij) verstijfde
(dat wij) verstijven(dat wij) verstijfden
(dat jullie) verstijven(dat jullie) verstijfden
(dat gij) verstijvet(dat gij) verstijfdet
(dat zij) verstijven(dat zij) verstijfden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
verstijfverstijft
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
verstijvend, verstijvende(zijn) verstijfd

Voorbeelde van gebruik

Zijn spieren schenen te verstijven.
Wat hij zag was zo afschuwlijk dat de Belg verstijfde van ontzetting.
Thongor verstijfde van schrik toen hij ontdekte dat hij niet alleen in het vertrek was.

Vertalinge

Duitserstarren
Engelsstiffen
Esperantorigidiĝi
Faroëesstívna