Informasie oor die woord stijfheid (Nederlands → Esperanto: rigideco)

Sinonieme: houterigheid, stramheid, stugheid, stijfte

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈstɛɪ̯fɦɛɪ̯t/
Afbrekingstijf·heid
Geslagvroulik

Voorbeelde van gebruik

De stijfheid van de vroege morgen zat nog in haar spieren en ze rekte zich even uit.

Vertalinge

DuitsStarrheit; Steife
Engelsrigidity; stiffness
Esperantorigideco