Informasie oor die woord nawegen (Nederlands → Esperanto: repesi)

Sinoniem: óverwegen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈnaʋeɣə(n)/
Afbrekingna·we·gen

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) weeg na(ik) woog na
(jij) weegt na(jij) woog na
(hij) weegt na(hij) woog na
(wij) wegen na(wij) wogen na
(jullie) wegen na(jullie) wogen na
(gij) weegt na(gij) woogt na
(zij) wegen na(zij) wogen na
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) nawege(dat ik) nawoge
(dat jij) nawege(dat jij) nawoge
(dat hij) nawege(dat hij) nawoge
(dat wij) nawegen(dat wij) nawogen
(dat jullie) nawegen(dat jullie) nawogen
(dat gij) naweget(dat gij) nawoget
(dat zij) nawegen(dat zij) nawogen
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
weeg naweegt na
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
nawegend, nawegende(hebben) nagewogen

Vertalinge

Engelsweigh again
Esperantorepesi