Informasie oor die woord opeisen (Nederlands → Esperanto: postuli)

Sinonieme: eisen, rekenen, vergen, voorschrijven, vorderen, verlangen, postuleren, heffen

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈɔpɛɪ̯sə(n)/
Afbrekingop·ei·sen

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) eis op(ik) eiste op
(jij) eist op(jij) eiste op
(hij) eist op(hij) eiste op
(wij) eisen op(wij) eisten op
(jullie) eisen op(jullie) eisten op
(gij) eist op(gij) eistet op
(zij) eisen op(zij) eisten op
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) opeise(dat ik) opeiste
(dat jij) opeise(dat jij) opeiste
(dat hij) opeise(dat hij) opeiste
(dat wij) opeisen(dat wij) opeisten
(dat jullie) opeisen(dat jullie) opeisten
(dat gij) opeiset(dat gij) opeistet
(dat zij) opeisen(dat zij) opeisten
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
eis opeist op
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
opeisend, opeisende(hebben) opgeëist

Vertalinge

Afrikaanseis; hef
Deensfordre
Duitserheischen; fordern; erfordern; verlangen; zumuten
Engelsclaim
Esperantopostuli
Faroëeskrevja
Finsvaatia
Fransdemander; exiger
Frieseaskje; fereaskje
Katalaansexigir
Latynexigere; postulare
Nederduitsupeisen; eisen; eysken
Papiamentseksigí; eksihí
Poolspostulować; żądać
Portugeesexigir; postular; reclamar
Saterfriesfoarderje; ferlongje; aaskje; toumoudje
Spaansexigir