Informasie oor die woord verergeren (Nederlands → Esperanto: pligravigi)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/vəˈrɛrɣərə(n)/
Afbrekingver·er·ge·ren

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) vererger(ik) verergerde
(jij) verergert(jij) verergerde
(hij) verergert(hij) verergerde
(wij) verergeren(wij) verergerden
(jullie) verergeren(jullie) verergerden
(gij) verergert(gij) verergerdet
(zij) verergeren(zij) verergerden
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) verergere(dat ik) verergerde
(dat jij) verergere(dat jij) verergerde
(dat hij) verergere(dat hij) verergerde
(dat wij) verergeren(dat wij) verergerden
(dat jullie) verergeren(dat jullie) verergerden
(dat gij) verergeret(dat gij) verergerdet
(dat zij) verergeren(dat zij) verergerden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
verergerverergert
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
verergerend, verergerende(hebben) verergerd

Vertalinge

Duitsübertreiben; dick auftragen
Engelsblow up; heighten
Esperantopligravigi
Fransaggraver; amplifier
Saterfriesuurdrieuwe
Spaansagravar
Sweedsförsämra; förvärra