Informasie oor die woord passage (Nederlands → Esperanto: pasejo)

Sinonieme: doorgang, overgang

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/pɑˈsazjə/
Afbrekingpas·sa·ge

Voorbeelde van gebruik

Het ecoduct onder de provinciale weg tussen Rhenen en Elst, ter hoogte van Plantage Willem III is een mooi voorbeeld van een geslaagde passage, vindt Geessink.

Vertalinge

Engelspassage
Esperantopasejo
Portugeespassagem; viela
Spaanspasadizo; paso