Informasie oor die woord broekzak (Nederlands → Esperanto: pantalonpoŝo)

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈbruksɑk/
Afbrekingbroek·zak
Meervoudbroekzakken

Voorbeelde van gebruik

Hij deed een greep in zijn broekzak.
De Saint stak zijn handen in zijn broekzakken en keek naar de detective met een vage spot in zijn blauwe ogen.

Vertalinge

Engelspocket
Esperantopantalonpoŝo
Nederduitsbüüste; nådsak; tük