Informasie oor die woord harden (Nederlands → Esperanto: malmoligi)

Sinonieme: vereelten, verharden, hard maken

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈɦɑrdə(n)/
Afbrekinghar·den

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) hard(ik) hardde
(jij) hardt(jij) hardde
(hij) hardt(hij) hardde
(wij) harden(wij) hardden
(jullie) harden(jullie) hardden
(gij) hardt(gij) harddet
(zij) harden(zij) hardden
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) harde(dat ik) hardde
(dat jij) harde(dat jij) hardde
(dat hij) harde(dat hij) hardde
(dat wij) harden(dat wij) hardden
(dat jullie) harden(dat jullie) hardden
(dat gij) hardet(dat gij) harddet
(dat zij) harden(dat zij) hardden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
hardhardt
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
hardend, hardende(hebben) gehard

Voorbeelde van gebruik

Dit was om ons te harden.

Vertalinge

Engelsharden
Esperantomalmoligi