Informasie oor die woord arbeider (Nederlands → Esperanto: laboristo)

Sinonieme: werkman, werker, werkkracht

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈɑrbɛɪ̯dər/
Afbrekingar·bei·der
Geslagmanlik
Meervoudarbeiders

Voorbeelde van gebruik

Hij zag eruit als een eenvoudig arbeider, maar dat kan hij niet zijn want hij heeft me ontzettend veel geld gegeven.
Uit de hutten kwamen andere arbeiders te voorschijn.
Geregeld komt een gifwolk over de arbeiders heen.

Vertalinge

Afrikaanswerker; arbeider
Albaniespunëtor
Deensarbejder
DuitsArbeiter
Engelshand; labourer; operative; worker; working man; workman
Esperantolaboristo; laborulo
Faroëesarbeiðsmaður
Fransouvrier; travailleur
Friesarbeider; arbeidersman
Grieksεργάτης
Italiaansoperaio
LuxemburgsAarbechter
Maleispekerja
Oekraïensробітник
Papiamentsobrero; trahadó
Poolsrobotnik
Portugeesobreiro; operário; trabalhador
Russiesрабочий
SaterfriesOarbaider
Skotswirker
Skots-Gaeliesoibriche
Spaansobrero; trabajador
Srananwrokoman
Sweedsarbetare
Thaiคนงาม
Tsjeggiesdělník; pracovník; pracující
Turksamele
Yslandsverkamaður