Informasie oor die woord afspraak (Nederlands → Esperanto: interkonsento)

Sinonieme: akkoord, schikking, verbintenis, overeenkomst

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈɑfsprak/
Afbrekingaf·spraak
Geslagmanlik
Meervoudafspraken

Voorbeelde van gebruik

Afspraken met Trump zijn heel weinig waard.
Niemand weet of een nieuwe leider de gemaakte afspraken zal nakomen.
Alles ging die avond volgens afspraak.

Vertalinge

Afrikaansafspraak
Deensaftale; samtykke
DuitsEinverständnis; Übereinkunft; Übereinstimmung; Abkommen; Vereinbarung; Abmachung
Engelsagreement
Esperantointerkonsento
Franspacte; accommodement
Friesakkoart; ôfspraak; oerienkomst
Italiaansaccomodamento; accordo; patto
Noorsavtale
Russiesаккорд
SaterfriesIenferstounden; Uureenkuumen
Spaansacuerdo; arreglo; convenio
Swahiliagano
Tsjeggiesdohoda; shoda; ujednání; úmluva
Turksanlaşma