Informasie oor die woord garagehouder (Nederlands → Esperanto: garaĝestro)

Sinoniem: garagist

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ɣaˈrazjəɦʌʊ̯dər/
Afbrekingga·ra·ge·hou·der
Geslagmanlik
Meervoudgaragehouders

Voorbeelde van gebruik

Deze bekeek de garagehouder des te beter, want dat gezicht wilde hij wel graag onthouden.
Dit gaf een zware bons, zodat de garagehouder het hoofd naar buiten stak om zich op de hoogte te stellen.

Vertalinge

Esperantogaraĝestro