Informasie oor die woord factuur (Nederlands → Esperanto: fakturo)

Sinonieme: nota, rekening

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/fɑkˈtyːr/
Afbrekingfac·tuur
Geslagvroulik
Meervoudfacturen

Voorbeelde van gebruik

Op donderdag 6 februari stond er in totaal 450 miljoen euro open aan onbetaalde facturen.
Facturen onder deze bedragen hoeven ondernemers nooit mee te sturen.
Waar heb je de factuur?

Vertalinge

DuitsRechnung; Warenrechnung
Engelsinvoice
Esperantofakturo
Faroëesrokning
Fransfacture
Italiaansfattura
Katalaansfactura
Noorsregning
Papiamentsfaktura
Portugeesfactura; nota
SaterfriesFaktura; Rekenge; Weerenreekenge
Spaansfactura
Sweedsfaktura
Thaiอินวอยซ์
Walliesinfois