Informasie oor die woord uitkienen (Nederlands → Esperanto: elpensi)

Sinonieme: bedenken, bekokstoven, uitdenken, verzinnen, uitdokteren

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈœʏ̯tkinə(n)/
Afbrekinguit·kie·nen

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) kien uit(ik) kiende uit
(jij) kient uit(jij) kiende uit
(hij) kient uit(hij) kiende uit
(wij) kienen uit(wij) kienden uit
(jullie) kienen uit(jullie) kienden uit
(gij) kient uit(gij) kiendet uit
(zij) kienen uit(zij) kienden uit
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) uitkiene(dat ik) uitkiende
(dat jij) uitkiene(dat jij) uitkiende
(dat hij) uitkiene(dat hij) uitkiende
(dat wij) uitkienen(dat wij) uitkienden
(dat jullie) uitkienen(dat jullie) uitkienden
(dat gij) uitkienet(dat gij) uitkiendet
(dat zij) uitkienen(dat zij) uitkienden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
kien uitkient uit
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
uitkienend, uitkienende(hebben) uitgekiend

Voorbeelde van gebruik

Dat had ik ook al uitgekiend.

Vertalinge

Duitsausdenken; erdenken; erfinden
Engelsinvent; devise
Esperantoelpensi
Faroëesfinna upp; hugsa upp
Friesbetinke
Katalaansinventar
Nederduitsbedinken
Portugeesinventar
Saterfriesuuttoanke; uutfiende
Spaansdiscurrir; inventar
Tsjeggiesvymyslet; vynalézt