Informasie oor die woord min (Nederlands → Esperanto: malnobla)

Sinonieme: gemeen, infaam, laag, laaghartig, schunnig, vuig, onedel

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/mɪn/
Afbrekingmin

Trappe van vergelyking

Stellende trapmin
Vergrotende trapminder
Oortreffende trapminst

Verbuiging

 Stellende trapVergrotende trapOortreffende trap
Predikatiefminminder(het) minst, (het) minste
AttributiefOnbepaaldManlike en vroulike meervoudminnemindereminste
Onsydige enkelvoudminminderminst
Meervoudminnemindereminste
Bepaaldminnemindereminste
Partitiefminsminders 

Voorbeelde van gebruik

Waarom was hij lid geworden van die minne club, waarvan de leden in plaats van elkaar als heren te bezwendelen, meningsverschillen regelden door middel van de wrede en barbaarse methode van het lijfelijk gevecht?

Vertalinge

Afrikaansonedel; gemeen
Duitsgemein; infam
Engelsbase; mean
Esperantomalnobla
Franslâche; abject
Papiamentsbaho
Saterfriesgemeen
Spaansinfame; vil
Sweedsnedrig
Turksalçak