Informasie oor die woord parfum (Nederlands → Esperanto: parfumo)

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/pɑrˈfɵm/
Afbrekingpar·fum
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik

Voorbeelde van gebruik

Van verre weiden kwam de geur van pas gemaaid gras en die vermengde zich met het parfum van de bloeiende rozen in de perken onder mij.

Vertalinge

Engelsscent
Esperantoparfumo