Informasie oor die woord ziedend (Nederlands → Esperanto: furioza)

Sinonieme: dol, doldriftig, verwoed, woedend, woest, razend, furieus, buiten zichzelf, des duivels

Woordsoortbyvoeglike naamwoord
Uitspraak/ˈzidənt/
Afbrekingzie·dend

Trappe van vergelyking

Stellende trapziedend
Vergrotende trapziedender
Oortreffende trapziedendst

Verbuiging

 Stellende trapVergrotende trapOortreffende trap
Predikatiefziedendziedender(het) ziedendst, (het) ziedendste
AttributiefOnbepaaldManlike en vroulike meervoudziedendeziedendereziedendste
Onsydige enkelvoudziedendziedenderziedendst
Meervoudziedendeziedendereziedendste
Bepaaldziedendeziedendereziedendste
Partitiefziedendsziedenders 

Voorbeelde van gebruik

De koning werd ziedend, beschuldigde de edelen van verraad en liet hen terstond executeren.

Vertalinge

Deensrasende
Duitsrasend; stürmisch; toll; wütend; wutentbrannt; rabiat; heftig; verheerend; wahnsinnig; erbittert; unbändig; ungestüm
Engelsfurious; ferocious; frenetic; frenzied; wild; wrathful
Engels (Ou Engels)wod
Esperantofurioza
Faroëesóður; sansaleysur
Finsraivoisa
Fransfurieux
Friespoerlulk
Italiaansfuribondo; furioso
Katalaansfuriós
Papiamentsfurioso; hostiná; koñá; rabiá; raso; rasu
Portugeesfulo; furioso; raivoso
Russiesбешеный
Saterfriesroasend; dul; fuchtich
Spaansfuribundo; furioso
Sweedsrasande; ursinnig
Tsjeggiesrozzuřený; vzteklý; zuřivý
Turksazgın