Informasie oor die woord trein (Nederlands → Esperanto: trajno)

Sinoniem: tros

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/trɛɪ̯n/
Afbrekingtrein
Geslagmanlik
Meervoudtreinen

Voorbeelde van gebruik

Haastig doofden ze hun vuur, zadelden de paarden en stegen op om de trein van wagens te volgen.
De duivels hebben de trein van Baojian vernietigd.

Vertalinge

Engelstrain
Esperantotrajno
Nederduitstog
Oekraïensпоїзд