Informasie oor die woord omkantelen (Nederlands → Esperanto: renversi)

Sinonieme: kantelen, omkeren, omvergooien, ten val brengen, omkiepen, omkieperen, omrollen, ondersteboven keren, omdraaien

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/ˈɔmkɑntələ(n)/
Afbrekingom·kan·te·len

Vervoeging

Aantonende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(ik) kantel om(ik) kantelde om
(jij) kantelt om(jij) kantelde om
(hij) kantelt om(hij) kantelde om
(wij) kantelen om(wij) kantelden om
(jullie) kantelen om(jullie) kantelden om
(gij) kantelt om(gij) kanteldet om
(zij) kantelen om(zij) kantelden om
Aanvoegende wys
Teenwoordige tydVerlede tyd
(dat ik) omkantele(dat ik) omkantelde
(dat jij) omkantele(dat jij) omkantelde
(dat hij) omkantele(dat hij) omkantelde
(dat wij) omkantelen(dat wij) omkantelden
(dat jullie) omkantelen(dat jullie) omkantelden
(dat gij) omkantelet(dat gij) omkanteldet
(dat zij) omkantelen(dat zij) omkantelden
Gebiedende wys
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
kantel omkantelt om
Deelwoorde
Teenwoordige deelwoordVerlede deelwoord
omkantelend, omkantelende(hebben) omgekanteld

Vertalinge

Duitskappen; umstoßen; umstürzen; umwerfen
Engelsturn over; capsize; overturn
Esperantorenversi
Faroëeskollvelta
Finskumota
Fransrenverser
Italiaansrovesciare
Katalaansbolcar; capgirar; enderrocar; subvertir
Noorskantre
Portugeesdeitar por terra; derribar; entornar; revirar
Saterfriesuumesteete; uumesmiete
Spaansderribar; invertir; poner al revés; tumbar; volcar