Informasie oor die woord banket (Nederlands → Esperanto: festeno)

Sinonieme: feestmaal, festijn, gelag, smulpartij, feestmaaltijd

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/bɑŋˈkɛt/
Afbrekingban·ket
Geslagonsydig
Meervoudbanketten

Voorbeelde van gebruik

De uitvoerige plichtplegingen maakten van deze banketten een onverdraaglijk vervelende zaak.
Halverwege het banket werd zijn vergissing ontdekt en opnieuw moest Cugel met de noorderzon vertrekken.

Vertalinge

Deensfestmåltid
DuitsBankett; Festessen; Gastmahl; Zeche; Gelage
Engelsbanquet
Esperantofesteno; bankedo
Faroëeshátíðarborðhald
Friesfeestmiel
Italiaansbanchetto
Katalaansfestí
Poolsbiesiada; przyjęcie; uczta
Portugeeságape; banquete
SaterfriesBankett; Fästieten; Freeteräi; Gastmäil
Spaansbanquete; festín