Informasie oor die woord pit (Nederlands → Esperanto: vervo)

Sinonieme: pittigheid, sappigheid, gloed, spirit, verve, vuur, flair

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/pɪt/
Afbrekingpit
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik

Voorbeelde van gebruik

Het zijn inderdaad dieren met pit, daar bestaat geen twijfel aan.
Ze had pit.

Vertalinge

DuitsBegeisterung; Schwung; Verve
Engelsspirit; zing
Esperantovervo
Finsinnostus
Nederduitsvüür
Portugeesestro; verve; vivacidade
SaterfriesBegäisterenge; Swier
Spaansacaloramiento; inspiración; labia; numen; vena