Informasie oor die woord stamleider (Nederlands → Esperanto: tribestro)

Sinonieme: stamhoofd, opperhoofd, hoofdeling

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈstɑmlɛɪ̯dər/
Afbrekingstam·lei·der
Geslagmanlik
Meervoudstamleiders

Voorbeelde van gebruik

Hij heeft inmiddels de steun verloren van veel stamleiders, generaals en politici die eerder aan zijn kant stonden.

Vertalinge

DuitsHäuptling
Engelschief; chieftain
Esperantotribestro
Portugeeschefe de tribo
SaterfriesHaudling