Informasie oor die woord slijm (Nederlands → Esperanto: ŝlimo)

Sinonieme: slijk, modder, slik, slib

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/slɛɪ̯m/
Afbrekingslijm

Voorbeelde van gebruik

De omgeving was verlaten, afgezien van een paar naakte kinderen die in een poel geel slijm zaten te kliederen.
Hij was overdekt met groen slijm.

Vertalinge

Afrikaansmodder
Engelsslime
Engels (Ou Engels)sloh
Esperantoŝlimo
Friesblabze
Hawaiïeskelekele
Katalaansfang
SaterfriesMudde; Sliek; Gubbe
Spaanscieno; limo
Tagalogputik