Informasie oor die woord eetkamer (Nederlands → Esperanto: manĝejo)

Sinoniem: eetgelegenheid

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈetkamər/
Afbrekingeet·ka·mer
Geslaghistories vroulik, teënwoordig ook manlik
Meervoudeetkamers

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
eetkamertjeeetkamertjes

Voorbeelde van gebruik

Zij ging weg en ik was alleen in de grote eetkamer.
Met deze woorden haastte hij zich de deur uit, en heer Ollie begaf zich naar de eetkamer met Kwil op de hand.
Bundle gaf hem een arm en samen gingen zij de eetkamer binnen.
Ik zat in de eetkamer, omdat ik het in het vroege voorjaar zo’n verspilling vind om twee kachels te laten branden.

Vertalinge

Esperantomanĝejo