Informasie oor die woord schot (Nederlands → Esperanto: ŝoto)

Sinonieme: smash, trap

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/sxɔt/
Afbrekingschot
Geslagonsydig
Meervoudschoten

Voorbeelde van gebruik

Barcelona heeft eigenlijk niet één echt schot op ons doel gelost.
De verdediger probeerde het van afstand, maar zag zijn schot gekeerd worden door Nick Olij.

Vertalinge

DuitsSchuß
Engelsshot
Esperantoŝoto; kiko
Friesskot
Portugeeschute
Spaanschott