Informasie oor die woord dessert (Nederlands → Esperanto: deserto)

Sinonieme: toetje, nagerecht, toespijs

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/dɛˈsɛrt/
Afbrekingdes·sert
Geslagonsydig
Meervouddesserts

Voorbeelde van gebruik

Vertel me nu niet dat je ook nog een dessert hebt?
Bovendien is dit niet het dessert dat ik besteld heb.
Hij ontdooide zozeer dat hij, toen het dessert op tafel werd gezet, zelfs informeerde naar de plannen van de Saint.
Wat denkt u, mevrouw Fox, kunnen we het dessert laten voor wat het is?

Vertalinge

Deensdessert
DuitsDessert; Nachtisch; Nachspeise
Engelsdessert
Esperantodeserto; postmanĝaĵo
Fransdessert
Hongaarsdesszert
Italiaansdessert
Katalaanspostres; darreries
Noorsdessert
Portugeessobremesa
Roemeensdesert
SaterfriesDessert; Ätterspiese
Spaanspostre
Sweedsefterrätt
Thaiของหวาน; ขนมหวาน
Tsjeggiesdezert; moučník; zákusek