Informasie oor die woord gordel (Nederlands → Esperanto: zono)

Sinonieme: ceintuur, riem

Woordsoortselfstandige naamwoord
Uitspraak/ˈɣɔrdəl/
Afbrekinggor·del
Geslagmanlik
Meervoudgordels

Voorbeelde van gebruik

Hij kwam overeind, haakte zijn duimen achter zijn gordel en keek op haar neer.
Alleen Kallian Publico heeft daar een sleutel van, dezelfde sleutel die ik daar aan zijn gordel zie hangen.
De Jood, verbijsterd door het verzoek, bang te weigeren en niet bereid eraan te voldoen, tastte in de met bont afgezette beurs aan zijn gordel en overwoog mogelijk nog hoe weinig munten als een handvol beschouwd konden worden toen de prins zich bukte in het zadel en aan aan zijn twijfel een einde maakte door de beurs zelf van zijn gordel te rukken.

Vertalinge

Afrikaansriem; gordel
Deensbælte; zone
DuitsGürtel
Engelsbelt; girdle
Esperantozono
Faroëesgjørð; belti; reim
Franszone; ceinture
Friesgurdle; mulbân; gurle
Grieksζώνη; ταινία; ζωνάρι
Italiaanscintura
Katalaanscinturó; zona; faixa; cinyell
Latynala; copula; zona
Papiamentsfaha; zona
Portugeescinta; cinto; cintura; cós; zona
Russiesзона
SaterfriesGäddel; Zone
Skotsbelt
Spaanscinturón; zona
Sweedsbälte; gördel; rem; zon
Thaiเข็มขัด
Turksbölge; kayış; kemer; mıntıka